Borggravevijversstraat 9     3500 Hasselt

Tel. 011  22 25 93   Fax. 011  24 20 14

E-mail: info@welcom-vzw.be

http://www.welcom-vzw.be

 

 

 

 

 

 

FM- APPARATUUR

 

Deze bundel werd samengesteld door Stefan Coenen

 

 

 

 

Deze informatiebundel werd gerealiseerd

dankzij projectsubsidie Provincie Limburg


1.      FM – APPARATUUR

 

1.1.     HET GEBRUIK VAN EEN FM-APPARAAT IN DE KLAS

 

1.1.1.  Inleiding

 

Van nature uit is een gewoon klaslokaal niet geschikt voor kinderen met een hoorapparaat. De AFSTAND tussen de leraar en het kind, de ACHTERGRONDRUIS (bv. voetengeschuifel, tafels of stoelen die bewegen of kinderen die onderling praten) en de AKOESTIEK van het lokaal maken het  extra moeilijk voor een hoorapparaatdrager om de leraar te verstaan.   Een hoorapparaat is meestal in ideale omstandigheden aangepast: d.w.z. de audioloog staat op een afstand van één meter, spreekt met een geluidssterkte van 60dB, in een akoestisch ideale kamer zonder omgevingslawaai.  Het in ideale omstandigheden afgenomen audiogram voldoet dus geenszins aan de reële klassituatie van alledag.

We bespreken achtereenvolgens de 3 parameters (afstand, achtergrondruis en akoestiek) die het spraakverstaan bepalen; vervolgens wordt ingegaan op de meerwaarde van een FM-apparaat in de klas.

 

1.1.2. Parameters welke het spraakverstaan bepalen

1.1.2.1. Afstand

 

Laat ons als voorbeeld nemen dat de leraar op één meter van de leerling staat en spreekt met een geluidssterkte van 65 dB en de achtergrondruis is 60 dB. Dit wil dan zeggen dat de leraar nog 5 dB luider klinkt dan de ruis.

Neem nu dat de leerling op twee meter gaat zitten, dus een verdubbeling van de afstand. Dan hoort hij de leraar nog met een geluidssterkte van 59 dB. Bij verdubbeling van de afstand gaat het geluidsniveau met 6 dB achteruit (fig.1).

 

           Fig.1: Invloed van de afstand op de geluidssterkte.

 

In ons geval wil dit zeggen dat het achtergrondlawaai 1 dB luider klinkt dan de spraak van de leraar. Hieruit kan men besluiten dat dragers van een hoorapparaat liefst vooraan in de klas moeten gaan zitten.

 

 

1.1.2.2.                       Achtergrondlawaai

 

Niet alleen de afstand speelt een rol, maar ook het achtergrondlawaai (fig.2) is een groot probleem voor dragers van een hoorapparaat.

 

 

Fig.2: Achtergrondlawaai

 

Uit studies is gebleken dat de gemiddelde achtergrondruis 60 dB bedraagt. Indien de leraar met een luidheid van 65 dB spreekt en de achtergrondruis bedraagt 60 dB, dan wil dit dus zeggen dat de S / R = 5 dB. Dit is dus veel te weinig voor een leerling met hoorproblemen.  De leraar dient 15 dB à 20 dB luider te spreken dan de achtergrondruis, zodat de gehoorgestoorde hem goed kan verstaan. Dit is wat de audioloog een signaal / ruisverhouding (S / R) van 15 dB à 20 dB noemt.

 

 

1.1.2.3.           Akoestiek

 

Een derde probleem  om spraak te verstaan in een klaslokaal is de “nagalm”. De spraak van de leraar weerkaatst op de wanden, vloer en plafond van het klaslokaal. Harde wanden, vensters, stenen vloeren weerkaatsen het geluid veel feller dan tapijtvloeren of akoestische wanden.  Nagalm wordt dus uitgedrukt als een tijdseenheid. Het is de tijd dat het geluid nodig heeft om met 60 dB af te nemen en die tijd mag niet groter dan 0,3 à 0,4 sec. zijn voor personen met hoorproblemen.

 

 

 

 

 

 

1.1.3.  De meerwaarde van een FM-apparaat in de klas

 

De bovenstaande tips spelen maar in beperkte mate in op het beter spraakverstaan.  Een FM-apparaat daarentegen komt veel beter tegemoet aan de specifieke vraagstelling van een leerling met een auditieve handicap.  Bij een FM-apparaat (volgens het zender-ontvanger principe) bedraagt de afstand tussen micro en de mond van de leraar altijd 25 cm.  Dit betekent dat de feitelijke afstand tussen leraar en leerling geen belang meer heeft.  Waar de leerling ook zit, hij zal de leraar altijd met dezelfde geluidssterkte horen (fig.3).

 

 

 

 

Fig.3: Afstand heeft geen invloed meer op de geluidssterkte bij het dragen van

             FM-apparatuur.

 

Achtergrondlawaai en nagalm worden ook in mindere mate gereduceerd met FM-apparatuur. De keuze van de micro, rondomgevoelig of richtmicrofoon, is in dit geval ook voornaam.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

1.2.     HET GEBRUIK VAN EEN FM-APPARAAT THUIS

 

Niet alleen in de klas, maar ook thuis is een FM-apparaat een belangrijk hulpmiddel voor een leerling met een auditieve handicap.  We schetsen enkele situaties “uit het leven gegrepen” welke de meerwaarde van een FM-apparaat duidelijk aantonen.

 

1. TV- kijken

 

Dankzij het FM-apparaat kan Sofie haar favoriete programma’s “Kabouter Plop” en “Samson” veel gemakkelijker volgen. Papa heeft immers de zender voor de luidspreker van de TV gelegd…

 

2. Op reis

 

De jaarlijkse wintervakantie heeft dit keer Oostenrijk als bestemming. Papa draagt als chauffeur de zender van het FM-apparaat. Ondanks het achtergrondlawaai van de rijdende auto, kunnen papa en mama toch communiceren met Arne….

 

3. Fietsen

 

Het gezin gaat ‘s zondags graag fietsen. Moeder heeft dit keer de zender om. Moeder draagt Jelle, die op 15m voor haar fietst, op om voor het kruispunt voet aan de grond te zetten…

 

4. Winkelen

 

Tienerdochters vinden het niet meer zo leuk om steeds in de buurt van hun ouders te moeten blijven, bij het kiezen van een outfit. Wanneer moeder Tiny nodig heeft, verwittigt ze haar dochter via de zender van het FM-apparaat. Op die manier kan Tiny alleen en ongestoord tussen de rekken lopen…

 

5. Paardrijden

 

Mathias zou graag leren paardrijden. Niet zo evident als kind met een zware

auditieve handicap. Ook hier biedt het FM-apparaat een oplossing. Wanneer de instructeur het FM-apparaat aandoet, is het voor Mathias zoveel gemakkelijker om de instructies van zijn leraar op te volgen, hoewel die op 20m afstand staat..

 

Uit het voorafgaande kan men besluiten dat het dragen van FM-apparatuur een zeer belangrijk hulpmiddel is voor gehoorgestoorden.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

1.3      HET GEBRUIK VAN EEN FM-APPARAAT IN DE KLAS

1.3.1.  Wat doet een FM-apparaat?

 

Een FM-apparaat is geen hoorapparaat, het past dus niet het gehoorverlies van het kind aan. Een FM-apparaat geeft een rechtlijnige versterking tussen de 80 – 8000Hz.

Een FM-systeem verbetert het verstaan in lawaai, op afstand en bij slechte akoestiek.In een stille omgeving en op korte afstand zal het FM-apparaat dus geen effect hebben.

 

 

1.3.2.  Is een FM-apparaat altijd zinvol of hangt dit samen met de grootte van          het gehoorverlies?

 

Personen die een hoorapparaat dragen hebben allen, ongeacht het gehoorverlies,  problemen met spraakverstaan in lawaai en hebben dus nut van een FM-systeem.  Dit om verschillende redenen:

- Met een FM-systeem moet men minder beroep doen op liplezen. Dit is vooral voor personen met een licht gehoorverlies moeilijk omdat zij daarin niet zo goed geoefend zijn.

- Met een FM-systeem moet men bovendien niet zoveel gemiste informatie zelf aanvullen vanuit de context, de taal en de fonetiek. Dit aanvullen is zeer inspannend en vooral bij jonge kinderen moeilijk omdat hun spraak- en taalverwerving nog in ontwikkeling is.

De hulp van een FM-systeem zorgt er dan voor dat luisteren en/of deelnemen aan een gesprek meer ontspannen kan verlopen.

 

Ook kinderen met een minimaal gehoorverlies of normaal horende kinderen  met een vertraagde en/of gestoorde spraak- en taalontwikkeling horen slechter in lawaai. Kinderen met concentratieproblemen kunnen in het omgevingslawaai van de klas soms moeilijk hun aandacht vasthouden en missen daardoor soms belangrijke informatie.

Een FM-systeem waarbij de leerkracht een zender draagt en de leerling  ontvangt via luidspreker op de bank of waarbij de luidsprekers geplaatst zijn in de hoeken van de klas kan hierbij hulp bieden.

           

Tip voor de leerkracht.

Zwaar slechthorende en dove kinderen moeten kunnen blijven beroep doen op het lipbeeld van de leerkracht ook al gebruiken ze een FM-systeem. Het is dus zeer belangrijk dat de leerkracht spreekt in de richting van het kind.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

1.3.2.1. Het FM-apparaat, korte uitleg

 

Een gewoon klaslokaal is niet echt geschikt voor kinderen met een hoorapparaat. De afstand tussen de leraar en het kind, de achtergrondruis zoals voetstappen en schuiven van stoelen, de akoestiek van het lokaal maken het de hoorapparaatdragers nog eens extra moeilijk om de leraar te verstaan.


FM-apparatuur lost deze problemen voor een zeer groot deel op.

 

 

Phonak  de “Microvox”                                                   Phonic Ear

 

Het FM-apparaat  (FM=Frequentie  Modulatie) bestaat uit twee delen: de zender en de ontvanger.

 

De leraar draagt een zender. 

De microfoon wordt op ± 20 cm van de mond geplaatst. De microfoon en de zender zijn verbonden met een draad, deze draad dient ook als uitzendantenne.

 

De leerling draagt de ontvanger. 

Deze ontvanger vangt de uitgezonden signalen op.  Via een kabeltje en een audioschoentje wordt de ontvanger rechtstreeks aan het hoorapparaat gekoppeld.

Als de drager van de zender via zijn microfoon spreekt, ontvangt de drager van de ontvanger de spraak rechtstreeks in zijn hoorapparaten.  De afstand, achtergrondruis en de akoestiek worden bij het dragen van FM-apparatuur bijna volledig weggewerkt.

Bijna elke gehoorgestoorde GON-leerling heeft zo een FM-apparaat.  Voor 99% van deze leerlingen heeft het FM-apparaat zijn diensten al bewezen.
De prijs van FM-apparatuur (zender + micro, ontvanger, lader) schommelt tussen de 1100 euro en de 2800 euro.

Bij het Vlaams Fonds kan men een aanvraag indienen voor een tussenkomst, bij aankoop van FM-apparatuur. De tussenkomst van het Vlaams Fonds bedraagt dan  ± 1714,62 euro(2005).

 

 

Het laatste nieuwe FM-apparaat op de markt in België is de “Microlink” van het merk Phonak.

De ontvanger is hier ingebouwd in een audioschoentje.  D.w.z. dat de vroegere ontvanger + snoer wordt vervangen door een audioschoentje met ingebouwde ontvanger (Fig.).


De Microlink (Phonak)

 

Vanaf het jaar 2000 is op elk audioschoentje een soortgelijke ontvanger te verkrijgen (fig.).


Microlink van “Widex”

 

 

 

                    

                    

 

                     Campus S zender                                                      MLX s ontvanger

 

 

 

1.3.2.2. Voorbeelden FM-systemen:

 

Phonic Ear  “Solaris”

 


Set: Zender+ micro, Ontvanger, Lader + transfo:  prijs op aanvraag


Phonak  Microvox

 

Set: Zender TX2 + micro, Ontvanger, Lader + transfo:  prijs op aanvraag

 


Phonak Microlink

 

Set: Zender TX3, Ontvangers 2 x MLX, Lader + transfo:  prijs op aanvraag

 

      

                                                                                 

Handy Mic  zender                                                              MLX s ontvanger

 

 

Nog enkele FM combinaties

 

 

 

 

 

 

 

 

    

                        LEXIS  zender ontvanger

 

1.4.     FM-SYSTEMEN VOOR SPRAAK- EN/OF CONCENTRATIESTOORNISSEN

 

(Voor kinderen zonder hoorapparaten)

 

1.4.1. FM-ontvanger ingebouwd in een hoorapparaat

 

-          Zender Phonak Handy mic  TX3                                 prijs op aanvraag

-          Lader voor zender

-          Ontvanger MicroEar BTE VHF                                    prijs op aanvraag

-          Open oorstukje                                                              …….. 

 

Tekstvak:

Totaal:                       1.709 euro                                                                Zender


 
                 ONTVANGER        OF           ONTVANGER

            

                                    


1.4.2.  FM-systeem voor klassikaal gebruik